Sierra Maestra - Santa Clara
Het is 9.05u. De taxi zou hier om 9.00u. zijn. In ons geval betekent dat, dat die hier om 8.15u. al zou staan te wachten, nadat hij toch even aangebeld had om te laten weten dat ‘ie er is, maar “doe vooral rustig aan”. Ze zijn hier steeds te vroeg. Dit is dus vreemd. Lynn (nader te noemen: Korte Metten B.V.) neemt meteen contact op met Yunior, onze contactpersoon in Cuba. En met telefoonnummer 2 en 3, in geval van calamiteiten. Na een kwartiertje is het opgelost. De taxi blijkt gewoon wat later te zijn omdat de weg zo stijl is en de auto het bijna niet trok. Gelukkig maar, dat stemt gerust.
We nemen afscheid van de ene Ernesto en verwelkomen de andere. De taxichauffeur heet namelijk ook zo. Toevallig. Wij hebben deze reis iets met dubbele namen. Ernesto heeft nog even tien minuten nodig, zegt hij. Om even op adem te komen van de heenreis naar ons hotel. Die was iets langer en heftiger uitgevallen dan hij dacht. Maar, “geen zorgen hoor!” Nee joh.
In de taxi, 20 minuten later, is de sfeer vreemd genoeg een beetje bedrukt. Nou echt heel vreemd is het ook weer niet. Ernesto is bezweet en heeft in zijn eentje geprobeerd om zo’n driehonderd liter benzine het dak van zijn auto op te krijgen, zodat onze koffers in de achterbak konden. Als we een stukje rijden stokt de motor en vertrouwen we het toch niet helemaal. Ergens diep van binnen, noem het instinct, lijkt het ons ook niet hélemaal veilig om met driehonderd liter benzine boven op je auto uit het jaar 0, in de brandende zon van Sierra Maestra (40 graden) een tocht te gaan doen van 11 uur. De chauffeur en Korte Metten B.V. stappen zonder woorden uit, pakken een riem uit de kofferbak, en beginnen allebei aan één kant de riem vast te maken rondom de jerrycans. Na een paar extra rondjes rondom twee “fire stoppers” in de vorm van brandblussers die aan weerszijden hangen aan de binnenkant van de auto (dat geeft een heerlijk veilig gevoel), vinden Korte Metten B.V. en de chauf het veilig genoeg. We kunnen verder.
Uit de boxen, die continu haperen waardoor coupletten en refreinen als morse taal in elkaar overgaan, spelen liedjes uit de jaren 80. Maar dan van die écht verschrikkelijke liedjes uit de jaren 80. Als Skyradio het Foute Uur zou hebben. Of Skyradio Classics. Zoiets. De sfeer wordt er niet beter op en even bedrukt als we startten gaan we weer verder. Nog maar 10 uur en 20 minuten te gaan.
Na twee uur Phil Collins, Lionel Richie en vier keer The Final Countdown stoppen we even langs de weg om een kokosnoot te drinken bij een kraampje. De man van de kokosnoten wil voordoen aan Britt hoe je de kokos uit de noot schraapt maar door onhandigheid van beide kanten wordt Britt uiteindelijk kokos gevoerd door de man. Het is een rare situatie waar niemand zich echt uit lijkt te kunnen redden en die daarom maar doorgaat. De kokosnoot is na een gevoelstijd van drie uur eindelijk op. Goed. Korte Metten B.V. en de chauffeur willen verder, dus binnen aanzienlijke tijd zitten we weer in de auto. Britt nog iets bedrukter dan ervoor.
We rijden verder maar de auto stokt weer, op regelmatiger basis. Zou het dan toch? Autopech op Cuba? Iets waar we ons bijna op hebben verheugd. Ongeveer het eerste wat mannen, met name vaders, tegen ons zeiden toen we geboekt hadden: “Cuba? Dat wordt meer langs de weg staan dan reizen, HAHA!” “Boek maar een maand langer, dat wordt niks met die oude Amerikanen!” Mannen die ineens bizar veel verstand lijken te hebben van Cuba en oude Amerikaanse auto’s willen wij natuurlijk niet teleurstellen en daarbij willen we deze Cubaanse mythe instandhouden. Zodat (bezorgde) vaders dit tot in de lengte van dagen kunnen blijven zeggen tegen hun (onafhankelijke) dochters.
De auto hapert nog meer en staat inmiddels zo goed als stil. “We moeten even langs de garage”, zegt de chauffeur. “Maar, niet getreurd, die zit naast een restaurantje waar jullie dan rustig koffie kunnen gaan drinken” stottert hij in het ritme van de motor. Vooral: geen. paniek. Gelukkig zijn we niet zo snel in paniek. Dat zal door al die grappen van tevoren komen. Houdt de boel een beetje luchtig.
De garage blijkt de lege parkeerplaats naast het restaurant te zijn. De monteur van de garage blijkt Ernesto zelf, zonder overhemd. Voortaan speelt kleding dus ook een rol in gedaantewisselingen. Handiger inschatten voor ons ook.
Terwijl Ernesto druk bezig is met de auto, leren wij er weer een heel belangrijke Cubaanse les bij: Corona drink je hier met limoen én zout, in plaats van alleen limoen. Daar kunnen we mee thuiskomen. Ook bespreken we wat “autopech” precies is in dit geval. De vader van Lynn zegt altijd: “Je hoeft geen geluk te hebben als het maar niet tegenzit.” Is dit dan pech? Zit het nu tegen? Het zit pas tegen als Ernesto zegt dat het tegenzit, besluiten we.
Maar dat gebeurt niet. Helemaal blij en enthousiast komt hij aangerend. De auto is gemaakt. Wat verwacht je, van een monteur. We eten en drinken met z’n drieën en zijn helemaal vrolijk. Overigens hebben we honderd keer aangeboden om te helpen (voor de vorm want wij zijn geen monteurs, ook niet als we van kleding wisselen) maar Ernesto wilde er niets van weten. Op dit moment IS hij monteur. God, Jambers is er niets bij man. “Overdag is hij wethouder Mobiele Transities. Maar ‘s nachts transformeert hij zelf, in een automobiel.” Een verschil van dag en nacht, gaat hier niet op. Dat is hier een kwestie van minuten. Ernesto is, als we hebben afgerekend van automonteur met wit hemd en bezweet voorhoofd weer omgekleed naar taxichauffeur: een donkerblauw gestreepte overhemd met witte en rode strepen en een pilotenzonnebril. (Niet te verwarren met buschauffeurs, die dragen altijd effen pakken met effen stropdassen en meer rechte zonnebrillen uit de ‘00 zoals Man in Black.)
Ook heeft ‘ie even stiekem parfum opgedaan. Parfum is hier ook een ding trouwens. Echt iedereen ruikt superlekker. Wie je ook voorbijloopt op straat, ze ruiken als de ICI Paris met Sinterklaas. Genoeg voorraad om ook de kerst door te komen, in ieder geval.
Helemaal blij en verbonden met z’n drieën (schept toch een band hè, als je samen door de diepste dalen gaat, dan kan je alles aan) gaan we met totaal andere energie op weg naar Santa Clara. Ook draaien we eindelijk Spaanse/ Cubaanse muziek (we, want we zijn nu gelijkwaardige dj’s). Na een paar korte tussenstops waaronder heel veel koffiekraampjes (Ernesto vertelt ons dat hij amper heeft geslapen vannacht, omdat hij tot 4 uur ‘s nachts een andere rit had, hij was om 8.30u. bij ons. Eerder hadden we hier onze bedenkingen bij gehad. In het licht van: is het verstandig een roadtrip van 11 uur te gaan doen met iemand die niet heeft geslapen, waarvan die “iemand” de enige chauffeur is tijdens de roadtrip? Maar nu niet. We zijn connected. We zijn het beste van de 3J’s Linda, Roos en Jessica, en 3T in één. The Golden Triangle verbleekt bij ons. Ernesto’s problemen, zijn nu ook onze problemen en dus stoppen we gewoon wat vaker om koffie te drinken, of “energie te tanken” zoals Ernesto het bijna poëtisch noemt.
Leuk weetje: je krijgt een espresso langs de weg, van een klein houten kraampje, gewoon in een normaal espresso kopje, neemt een slok en gaat weer. Als je trouwens geen snoepkont bent zoals Ernesto en laten we eerlijk zijn, Lynn, die onder het mom van “uit onze comfortzone stappen” ook maar gewoon vier repen van chocolade en pinda en melk koopt bestaande uit 99% suiker en 1% chocolade of pinda of melk, die bij de volgende tussenstop al op zijn zoals dat gaat bij roadtrips. Maar des te meer we daarna uit onze comfortzone kunnen blijven gaan, bij volgende totáál onbekende lolly’s en nep Pringles. Reizen, het verbreedt echt je horizon.
We nemen met pijn in ons hart afscheid van Ernesto. Maar niet getreurd. Hij vertelt ons op het nippertje dat hij na de zomer (de Europese zomer) met zijn gezin naar Madrid emigreert. “Cuba Finito!!” klapt hij vrolijk. En wij klappen mee. Tot ziens, vriend, in Madrid. Voor nu, lekker slapen. Morgen nog maar een paar uurtjes rijden en dan zijn we in Varadero, of wat iedereen noemt “het mooiste strand ter wereld”. We can’t wait, hoewel ook de wegen naar de bestemming ook steeds een groot avontuur zijn! Of zoals Ernesto zou zeggen: “Una aventura”.